BELGIň

By Alex Mensaert

 

BelgiŽ

 

Dat kleine landje vlak aan zee,

Qua talen is het gesplitst in twee,

De Ardennen, Henegouwen en de Polders is wat je er vind,

Daguitstappen maken je er goedgezind.

 

In Brussel heb je het atomium en manneke pis,

In de Damse vaart zit zelfs paling, dat is een soort vis,

Aan zee kan je schelpen rapen en zandkastelen bouwen,

Van dit landje kan je niet anders dan ervan houden.

 

In Antwerpen krioelt het van diamanten,

Zelfs in Mol hebben ze witte stranden,

In Tienen is er suiker en de suikerbiet,

In de grotten van Han kan je kijken naar de stalagmiet.

 

In Oostende is er de haven, de boten naar Engeland,

Wat is BelgiŽ toch enorm plezant.

In Leuven en Gent vind je de studenten,

In Bredene staat het vol campingtenten.

 

De koning is hier de grote baas,

Presidenten vinden we maar dwaas,

En in Herve heb je de stinkende kaas,

Frieten, curry worsten met tartaar,

Dat vinden buitenlanders maar raar,

Maar elke Belg staat er wel voor klaar.

 

In Hasselt vind je lekkere jenever,

Ook al is dat niet goed voor je lever,

Het land van frieten en honderden soorten bier,

Een bekende toren?, die staat in Lier!

 

In Knokke leven de rijken zij aan zij,

Een uitstap naar Brugge maakt je zeker blij,

In Bokrijk vind je oude huizen zoals voorheen,

Ze zijn gebouwd uit echt leem.

 

In Blankenberge ziet het zwart van het volk,

Het ligt allemaal in het land van de regenwolk,

Bekend om de lekkere chocolade wereldwijd,

Amusement is hier zekerheid.


 

Alex Mensaert